|
Litvinenko vergiftigd in Londen Relatie met moord op Politkovskaya? |
![]() |
Aleksandr Litvinenko is donderdagavond 23 november 2006 vermoedelijk als gevolg van vergiftiging in Londen overleden. Dat meldden de Britse media en werd bevestigd door het ziekenhuis waar hij werd verpleegd. Op 1 november 2006 werd in een Londens restaurant een poging tot vergiftiging gedaan van Litvinenko, een dissidente FSB-officier die in Groot-Brittannië politiek asiel kreeg. De poging tot vergiftiging wordt in verband gebracht met een eigen onderzoek dat Litvinenko uitvoerde naar de moord op de bekende Russische dissidente journaliste Anna Politkovskaya eerder dit jaar.
Aleksandr Valterovitsj Litvinenko werd in 1962 geboren in Voronezj. Na een
middelbare schoolopleiding ging hij in 1980 in militaire dienst en maakte in
het leger een carrière van gewoon soldaat tot luitenant-kolonel. Vanaf
1988 was hij werkzaam in de afdeling contraspionage van de Sovjet geheime dienst
KGB en na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 trad Litvinenko toe tot
de generale staf van de FSB, de opvolger van de KGB. Binnen de generale staf
was hij gespecialiseerd in contraspionage en de strijd tegen de georganiseerde
misdaad, die in de eerste helft van de jaren 90 streed om de macht in Rusland.
In 1997 werd Litvinenko overgeplaatst naar de afdeling voor de analyse van criminele
organisaties als operationeel officier en werd hij plaatsvervangend hoofd van
de 7e afdeling van de FSB.
Tijdens een persconferentie in november 1998 kwam hij met openlijke kritiek
op de leiding van de FSB en onthulde een aantal illegale opdrachten die hij
had verstrekt. Zo zou hij ook opdracht moeten geven om Boris Berezovsky, opgeklommen
van crimineel tot oligarch, te vermoorden. Dezelfde Boris Berezovsky, die Litvinenko
op vrijdag 17 november in het ziekenhuis opzocht, zei dat artsen Litvinenko
vijftig procent kans geven om er bovenop te komen.
In maart 1999 werd Litvinenko gearresteerd op basis van, volgens sommigen,
valse beschuldigingen en gevangen gezet in de beruchte FSB-gevangenis Lefortovo
in Moskou. In november 1999 werd hij vrijgesproken, maar meteen na de vrijspraak
opnieuw gearresteerd door de FSB met andere beschuldigingen. Hij had zijn FSB-superieuren
er openlijk van beschuldigd achter de aanslagen op appartementencomplexen in
Moskou in 1999 te zitten, die driehonderd mensen het leven kostten en de aanleiding
vormden voor de tweede Tsjetsjeense oorlog. In 2000 werd hij opnieuw vrijgesproken
en vrijgelaten na het tekenen van een verklaring dat hij het land niet zou verlaten.
Een derde zaak tegen hem was in voorbereiding. Hij verliet samen met zijn gezin
langs illegale weg de Russische Federatie en kwam in Londen terecht in het wereldje
van Russische dissidenten. Sinds mei 2001 heeft hij politiek asiel in Groot-Brittannië.
Vanuit Groot-Brittannië zette Litvinenko zijn strijd tegen de Russische
autoriteiten en de FSB in het bijzonder voort, daarbij gesteund door andere
dissidenten die in Londen verblijven, onder meer Boris Berezovsky, spin in het
web van de georganiseerde kritiek op Poetin c.s. Zo bekritiseerde Litvinenko
de aanpak van het gijzelingsdrama in Beslan en ook de moord op Anna Politkovskaya
had zijn aandacht. In dat kader wordt nu de vergiftigingszaak gezien.
Op 1 november 2006 werd Aleksandr Litvinenko uitgenodigd om naar een Londens
restaurant te komen door een zekere Mario Scaramella, volgens sommige bronnen
een Italiaanse veiligheidsexpert. Scaramella deelde Litvinenko mee dat hij vertrouwelijke
informatie wilde doorgeven over de mogelijke moordenaars van Anna Politkovskaya.
Mario Scaramella zou volgens sommige bronnen nauwe zakelijke relaties onderhouden
met FSB-directeur Kolmogorov en een aantal malen op bezoek zou zijn geweest
in de Moskouse Loebjanka, het hoofdkwartier van de FSB. Als een van de leiders
van de FSB was Kolmogorov aan het eind van de jaren 90 belast met de 'operatieve
acties' tegen Litvinenko.
Een aantal uren na deze ontmoeting openbaarden zich bij Litvinenko verschijnselen
van vergiftiging, naar aanvankelijk werd aangenomen mogelijk met thallium, een
dodelijk metaal. Tot eind vorige eeuw werd het gif gebruikt als insecten- en
rattenverdelger. Thallium is moeilijk te krijgen in Groot-Brittannië. Een
gram is genoeg om iemand te vermoorden. Litvinenko heeft alle symptomen van
het gif, zo meldt de Sunday Times. Hij werd onmiddellijk naar een ziekenhuis
vervoerd waar hij op 23 november bezweek. Behandelend arts Geoff Bellingham
verklaarde op 23 november tegenover de BBC dat het zeer onwaarschijnlijk is
dat de oud-spion met de stof thallium is vergiftigd, zoals eerder deze week
de veronderstelling was van de politie. Ook besmetting met een radioactieve
substantie, waar ook over werd gespeculeerd, sloot Bellingham vrijwel zeker
uit. Deze versie werd evenwel op vrijdag 24 november herroepen. Toen maakte
de medische staf van het ziekenhuis waar Litvinenko was opgenomen bekend dat
op basis van urinemonsters is gebleken dat Litvinenko is vermoord met polonium.
Sporen van polonium-210 werden in Litvinenko's lichaam aangetroffen. Een woordvoerster
van het ziekenhuis zei dat een dergelijke stof in het lichaam kan komen door
inhalering, inslikken of door een verwonding. Polonium is een stof die in hoge
mate radioactief en kankerverwekkend is. Dit chemisch radioactieve element werd
in 1898 ontdekt door de natuurkundige Marie Curie-Sklodowska.
Het staat nog niet vast of de Italiaan iets met de vergiftiging te maken heeft,
maar de Londense politie is wel in het bewuste restaurant geweest om beelden
van beveiligingscamera's in beslag te nemen. Scaramella verklaarde op dinsdag
21 november dat hij met Litvinenko had afgesproken om hem e-mails van een vertrouwelijke
bron te laten zien. Daarin stonden de namen van de vermoedelijke moordenaars
van Anna Politkovskaja, journaliste en critica van het Kremlin, die op 7 oktober
in haar flat in Moskou werd doodgeschoten. Scaramella zei dat in de e-mails
ook de namen van andere potentiële doelwitten werden genoemd, waaronder
die van Litvinenko en van hemzelf. Volgens Scaramella was Litvinenko het met
hem eens dat de informatie onbetrouwbaar leek te zijn. Ze spraken af elkaar
opnieuw te ontmoeten. Toen Scaramella de volgende dag opbelde, kreeg hij van
de vrouw van Litvinenko te horen dat hij was opgenomen.
De antiterrorisme-afdeling van de Londense politie en Scotland Yard onderzoeken
de mogelijke doodsoorzaak van Litvinenko. Volgens zijn vrienden in Londen, kringen
van Poetin-critici rond Boris Berezovsky, zou Litvinenko zijn vergiftigd op
last van het Kremlin. De Russische buitenlandse inlichtingendienst, de SVR,
sprak dat woensdag tegen. "Litvinenko is niet het soort persoon waarvoor
we bilaterale betrekkingen op het spel zouden zetten", zei Kremlin-woordvoerder
Dmitri Pesko. "Het is absoluut niet in ons belang om ons met zulke dingen
bezig te houden." Vladimir Poetin, in Helsinki aanwezig voor overleg met
de EU-landen over een nieuw samenwerkingsverdrag zei vrijdag op een persconferentie
in die stad te betreuren dat Litvinenko's tragische dood op deze wijze voor
'politieke provocaties' wordt misbruikt. Ook werd Poetin gevraagd om een reactie
op het briefje van Litvinenko dat na zijn dood bekend werd en waarin Litvinenko
Poetin als de dader aanwees. "Als het briefje werkelijk voor de dood van
de heer Litvinenko werd geschreven," zo reageerde Poetin, "dan vraag
ik mij af waarom het niet bekend werd gemaakt toen hij nog in leven was. Welk
commentaar kan men geven als het briefje na de dood opduikt? Mensen die dit
deden zijn de Heer niet en Litvinenko is geen Lazarus. Het is jammer dat zulke
tragische gebeurtenissen worden gebruikt voor politieke provocaties."
Vanuit INSUDOK ontwikkelden wij een viertal scenario's rond de dood van Aleksandr Litvinenko. Lees deze scenario's via de onderstaande link:
VIER SCENARIO'S OVER DE DOOD VAN LITVINENKO