Westerse media en politici lijken het met elkaar eens: het Kremlin zit achter de dood van de ex-KGB-agent Aleksandr Litvinenko. Intriges en speculaties zijn aan de orde van de dag. Hieronder de bijdrage van INSUDOK aan de beschuldigende vingers.
Op woensdag 1 november 2006 had Aleksandr Litvinenko een ontmoeting met de
Italiaan Mario Scaramella in een sushibar in het Londense Piccadilly. Deze sushibar
was de eerste van vele andere plekken die op die fatale eerste novemberdag door
Litvinenko werden bezocht. Scaramella had oorspronkelijk een afspraak met Litvinenko
op 10 november maar verplaatste deze kort tevoren naar 1 november. Waarom? Misschien
kwam het Scaramella beter uit of misschien had het te maken met polonium-210,
het radioactieve gif dat Litvinenko doodde en dat een actieve termijn heeft
van 138 dagen? Scaramella verzette zich hevig tegen speculaties in de media
dat hij een agent-provocateur voor Rusland is, maar geen enkele journalist nam
de moeite om na te gaan of Scaramella nog andere bronnen van inkomsten heeft
behalve die uit het Kremlin. Deze stelling wil niet de schuld van Scaramella
suggereren, maar het gaat hier om de opinie van de westerse media als het om
berichtgeving over Rusland gaat. NOS-correspondent Peter d'Hamecourt ("oom
Peter weet het beter") is wat dat betreft een lichtend voorbeeld door bij
regelmaat te stellen dat het Kremlin achter de dood van Litvinenko zit.
De tendens in de Westerse media over de dood van ex-KGB-agent Aleksandr Litvinenko
lijkt te zijn dat 'Rusland' en in het bijzonder 'Poetin' schuldig is. Het aloude
juridische adagium 'onschuldig tot het tegendeel bewezen is' is in dit verband
omgevormd tot 'schuldig totdat de onschuld is vastgesteld'. Sommige media gaan
zelfs zo ver te stellen dat 'de Russische president door zijn daden moet aantonen
dat hij niets te maken heeft met de dood van Litvinenko'. In de Russische pers
leverde dat reacties op in de trant van "moeten Bush en Blair ook door
daden aantonen dat zij niet verbonden zijn met de dood van duizenden Irakese
burgers?"
De Russische journalist Timofei Borisov schreef in Komsomolskaya Pravda, een
populaire krant met een miljoenenoplage "de lijst van degenen die zouden
kunnen profiteren van Litvinenko's dood is zeer lang. Een schandaal zoals dit
was niet in het belang van de Russische machthebbers aan de vooravond van de
ondertekening van een nieuw verdrag tussen Rusland en de Europese Unie. Het
wordt nu gebruikt om druk op het Kremlin uit te oefenen".
Thallium wordt polonium
Later op die eerste november had Litvinenko nog een zakelijke ontmoeting met
een tweetal Russen, waaronder een voormalig KGB-agent, in het Millennium-hotel.
Enkele uren later, nadat Litvinenko zich ziek voelde, werd hij naar een ziekenhuis
gebracht. En op vrijdag 17 november wordt hij overgebracht naar het University
College Hospital in Londen waar artsen in eerste instantie de foute diagnose
stellen dat hij zou zijn vergiftigd met thallium. Een op 20 november vrijgegeven
foto van Litvinenko in zijn ziekenhuisbed gaat de hele wereld over. De foto
toont in felle kleuren zijn slechte lichamelijke toestand en zijn kale hoofd.
Drie dagen later, op vrijdag 23 november 2006, overlijdt Litvinenko op de intensive
care van het ziekenhuis en de Londense politie opent het onderzoek naar een
'onverklaarbare dood'.
Na het foutieve thallium-verhaal komen de Britten op 25 november met de verklaring
dat er in Litvinenko's lichaam polonium-210 was aangetroffen, een zeer dodelijke
radioactieve isotoop. Maar dit polonium-210 werd ook nog op zeven andere plaatsen
in Londen gevonden, waaronder in het hoofdkwartier van Berezovsky in het Londense
Mayfair. Boris Berezovsky is een Russische oligarch, miljardair, die in 2001
asiel kreeg in Groot-Brittannië nadat hem in Rusland de grond te heet onder
de voeten werd. Het bleek dat Litvinenko op die eerste november ook een bezoek
aan Berezovsky had gebracht en op die manier er dus ook polonium-210 zou kunnen
worden aangetroffen. Berezovsky heeft niet bekendgemaakt met welke reden Litvinenko
hem op 1 november bezocht, zodat de westerse media voortgingen met hun samenzweringstheorie
dat het Kremlin achter de dood van de oud-KGB-agent zat.
Op deze plek kunnen we een tweetal nieuwe theorieën aan de reeds bestaande
toevoegen: 1. iemand in het Londense kantoor van Berezovsky vergiftigde Litvinenko
met polonium-210 en 2. Litvinenko verknalde de opdracht om iemand, misschien
Berezovsky zelf, te vergiftigen en werd zelf op fatale wijze het slachtoffer.
Misschien een absurd scenario, maar is dat zoveel absurder als de weloverwogen
opzet van het Kremlin om internationale relaties op het spel te zetten door
iemand te vermoorden die geen enkele potentiële bedreiging vormt voor welke
positie van wie dan ook? En dan ook nog met polonium-210, waarvan door Rusland
maandelijks in totaal 8 gram wordt geëxporteerd en uitsluitend naar de
Verenigde Staten, volgens Sergej Kirienko, ex-premier van de Russische Federatie
en nu directeur van het Russische atoomagentschap Rosatom.
"De man die mijn leven redde"
Berezovsky en Litvinenko kennen elkaar sinds 1994, toen zij elkaar voor het
eerst ontmoetten in Moskou. In 1998 maakte Litvinenko tijdens een persconferentie
in Moskou bekend dat de FSB, opvolger van de KGB, hem de opdracht had gegeven
om Berezovsky te liquideren. Litvinenko werd gearresteerd en zat negen maanden
gevangen op beschuldiging van misbruik van zijn positie en week na zijn vrijlating
in 2000 naar Londen uit. Zijn voornaamste wapenfeiten zijn daarna de publicatie
van twee boeken met kritiek op het Kremlin. Boris Berezovsky noemde de voormalige
KGBer de 'man die mijn leven redde'.
Berezovsky werd nog in januari 2006 door de Britse premier Tony Blair teruggefloten
nadat hij openlijk had verklaard dat 'een verandering van regime in Moskou'
noodzakelijk is. En intussen had Litvinenko meerdere malen verklaard dat hij
de beschikking had over 'belastend materiaal tegen de Russische regering', waarvan
evenwel niets aan de oppervlakte kwam, ondanks de vele contacten met de media
van Berezovsky c.s., zowel in Europa als in de Russische Federatie. In een verklaring
van Litvinenko die na zijn dood werd voorgelezen door zijn vriend Alex Goldfarb
liet hij het volgende weten: "U kunt er in slagen om één
man het zwijgen op te leggen, maar het gebrul van de protesten van over de hele
wereld zal bij u, mijnheer Poetin, voor de rest van uw leven in de oren nagalmen."
Poetin was niet de enige die vraagtekens zette bij het tijdstip van verschijning
van deze verklaring en of Litvinenko wel de schrijver ervan was. "Als een
dergelijke verklaring voor de dood van de heer Litvinenko verscheen dan is er
altijd de vraag: waarom werd die niet gepubliceerd toen hij nog in leven was?
En als de verklaring na zijn dood verscheen, hoe kan men er dan commentaar op
leveren?", zei Poetin tijdens een persconferentie in Helsinki naar aanleiding
van de EU-Rusland top. "Het is heel treurig dat tragische gebeurtenissen
zoals de dood van iemand worden gebruikt voor politieke provocaties," zo
voegde hij eraan toe.
Maar intussen gaat de mediahype over de dood van Litvinenko en de betrokkenheid
van het Kremlin door. "De Russen gaan door met de ontkenning van hun verantwoordelijkheid,"
meldde de New York Times op 25 november verontwaardigd, "zelfs nadat een
hoge ambtenaar van het Britse ministerie van buitenlandse zaken heeft bekendgemaakt
dat de ambassadeur uit Moskou is teruggeroepen en zei dat de situatie nu nog
ernstiger is." Maar niet alleen de media staken de beschuldigende vinger
uit. Peter Hain, minister van Europese Zaken in de Britse regering, verklaarde
voor de BBC-camera's: "Er zijn veel dingen in Rusland gebeurd die een schaduw
hebben geworpen over president Poetin's succes om de boel bijeen te houden en
economische stabiliteit te bereiken uit een periode van chaos". Maar Hain
vergat erbij te vertellen dat Groot-Brittannië blijft weigeren om ballingen
uit te leveren aan Rusland, waaronder Ahmed Zakajev, de Tsjetsjeense krijgsheer
en last but not least Boris Berezovsky zelf: in Rusland beschuldigd van grootschalige
fraude, witwasserij en zelfs moord. In hoeverre draagt Londen zelf bij aan de
intriges rond de dood van Litvinenko?