Oekraïne: crisis nummer zoveel!

Met de aankondiging van president Joesjtsjenko dat het Oekraïense parlement wordt ontbonden en dat er op 27 mei 2007 nieuwe verkiezingen zullen worden gehouden is Oekraïne in de zoveelste politieke crisis beland sinds de onafhankelijkheid in 1991.
En opnieuw gingen er in de hoofdstad Kiev duizenden mensen de straat op: zowel aanhangers van Joesjtsjenko als van Janoekovitsj.

door Bas van der Plas/INSUDOK

De eerste reacties in de buitenlandse media meldden dat er opnieuw een conflict was ontstaan tussen het pro-westerse westelijke deel van Oekraïne en het pro-Russische oosten van het land. Maar sinds de Oranje revolutie van 2005 en de gasconflicten in het begin van 2006 is er veel veranderd in de relaties tussen de Russische Federatie en Oekraïne. Hoewel met het aantreden van Janoekovitsj als premier het gasconflict leek opgelost had uiteindelijk de achterban van Janoekovitsj, de industriële elite in het oosten van het land, toch ook de nodige schade opgelopen en het enthousiasme van Janoekovitsj voor Rusland werd er niet groter door. Hij liet zelfs tussen de regels door horen er onder allerlei voorwaarden mee akkoord te kunnen gaan dat Oekraïne ooit lid zou kunnen worden van de NAVO en de Europese Unie. Toen ook nog eens de Russische ultranationalist Zhirinovsky openlijk partij koos voor de pro-westerse Joesjtsjenko leek de relatie met de Russische Federatie gecompliceerder dan ooit.
In Rusland is dan ook met de nodige reserves voorzichtig gereageerd op de huidige politieke ontwikkelingen in Oekraïne. Toen de Russische minister van buitenlandse zaken Sergej Lavrov aanbood om Oekraïne te helpen in het oplossen van de huidige crisis wendde het Oekraïense parlement zich voor steun tot de parlementaire assemblee van de Raad van Europa. De politieke elite van Rusland kijkt evenwel met argusogen naar de Oekraïense gebeurtenissen. Niet voor niets werd het organisatoren van politieke bijeenkomsten in Rusland verboden om de kleur oranje te gebruiken!

doemscenario

Na de parlementsverkiezingen van 26 maart 2006 moest er in Oekraïne een politieke compromis gesloten worden: president Joesjtsjenko accepteerde na lange onderhandelingen en veel politiek geharrewar zijn aartsrivaal Viktoe Janoekovitsj als premier.
Volgens de Oekraïense wetgeving wordt de president rechtstreeks gekozen, en hij (of zij) vormde vroeger dan ook de regering. Maar door recente Grondwetswijzigingen ligt er nu meer macht bij de Verchovna rada, het parlement, dat nu het recht heeft de premier en het kabinet van ministers te benoemen. In de periode dat Janoekovitsj premier was trachtte hij de macht van de president nog meer in te dammen ten gunste van het parlement. Dat Joesjtsjenko daarvan niet gediend is en nu het parlement ontbindt om nieuwe verkiezingen uit te schrijven lijkt dan vooral ook gericht op lijfsbehoud. Janoekovitsj wordt ervan beschuldigd langzaam maar zeker de macht in het parlement over te nemen door allerlei politieke groeperingen over te halen zich bij zijn blok aan te sluiten. Het blok van Janoekovitsj kan inmiddels rekenen op de steun van 250 zetels in de 450 leden tellende Verchovna rada. Met 300 zetels heeft Janoekovitsj een tweederde meerderheid en kan dan volgens de Grondwet van Oekraïne zelfs een veto van de president teniet doen. Joesjtsjenko zal dat doemscenario hebben willen voorkomen.

rivaliteit

Zowel Joesjtsjenko als Janoekovitsj hebben hun basis in de nieuwe elite van het land die de rijkdommen van de staat onder elkaar verdeelden na de ineenstorting van de Sovjet-Unie in 1991. Verschillen tussen beiden zijn pas van later datum. Van 1993 tot 1999 was Joesjtsjenko hoofd van de Oekraïense Centrale Bank, en van 1999 tot april 2001 was hij minister-president. In beide functies diende Joesjtsjenko onder president Leonid Koetsjma, die nu de 'macht achter Janoekovitsj' geacht wordt te zijn. Als hoofd van de Centrale Bank en als minister-president was Joesjtsjenko een van de belangrijkste hoofdrolspelers in de politiek van economische liberalisering en privatisering. Deze politiek had desastreuze gevolgen voor de Oekraïense bevolking: met een gemiddeld maandinkomen van 65 euro heeft Oekraïne een van de laagstbetaalde bevolkingen van Europa, terwijl een kleine laag 'nieuwe rijken' enorme kapitalen vergaarde. Joesjtsjenko zelf werd door het IMF beschuldigd van 'ineffectief gebruik van kredieten' die waren verstrekt aan de Oekraïense Nationale Bank en geruchten over verduistering van miljoenen doen nog altijd de ronde.
Het conflict binnen de nieuwe Oekraïense elite, waarvan zowel Joesjtsjenko als Janoekovitsj deel uitmaken, ontstond pas rond de vraag op welke wijze men het beste de geprivilegieerde status kon verdedigen: in nauwe relaties met de Russische Federatie of in een verdere openstelling van het land voor westerse kapitalistische belangen.
President Koetsjma had sinds het aan de macht komen in 1994 een politiek van evenwicht tussen Russische en westerse belangen in Oekraïne gevoerd. Enerzijds streefde hij naar nauwe samenwerking van zijn land met de Europese Unie en de Verenigde Staten. Hij sloot diverse verdragen met de EU en probeerde, totnutoe tevergeefs, te opteren voor het Oekraïense lidmaatschap van de NAVO en stuurde zelfs 1500 soldaten om de Amerikaanse bezettingsmacht in Irak te steunen. Anderzijds onderhield hij ook nauwe betrekkingen met de Russische Federatie en met president Vladimir Poetin.
In de huidige situatie in Oekraïne is het niet langer mogelijk om dit evenwicht in relaties te handhaven. Oekraïne is het onderwerp geworden van grote rivaliteit tussen Rusland aan de ene kant en de EU en de VS aan de andere zijde. Beide kampen deden hun invloed gelden in de campagnes voor de presidentsverkiezingen in Oekraïne en steunden ongegeneerd hun respectievelijke favoriet: Rusland steunde Janoekovitsj en de westerse wereld Joesjtsjenko. Beide kampen benadrukten daarmee hun economische en geopolitieke belangen.
Vanwege de toetreding van een aantal Oost-Europese landen tot de NAVO en de vestiging van Amerikaanse militaire bases in de vroegere Centraalaziatische Sovjetrepublieken, is Poetin vastbesloten om te voorkomen dat Oekraïne binnen de westerse invloedssfeer komt. Al enige tijd is Moskou bezig met een politiek die vroegere Sovjetrepublieken meer aan Rusland bindt en er bestaat zelfs een project voor een eigen economische ruimte, als tegenhanger van de EU, waar in ieder geval Rusland, Wit-Rusland, Oekraïne en Kazakstan doel van uit zouden maken.
Voor de VS en Europa is Oekraïne, met z'n bijna 50 miljoen inwoners en strategische ligging, een potentieel lucratieve markt en een belangrijke transportroute voor olie en gas. Zo'n 80% van het voor Europa bestemde Russische aardgas wordt getransporteerd via Oekraïne.
De onderlinge problemen in Oekraïne en de bemoeienissen van andere landen zullen nog wel een tijd doorgaan totdat de verschillende belangen zijn uitgekristalliseerd. Dat kan alleen wanneer de rivalen in het land inzien dat er een 'welbegrepen eigenbelang' is om het land bij elkaar te houden. En dat betekent dat er compromissen gesloten moeten worden. Compromissen in de nieuwe eigendomsverhoudingen, in de politieke macht en de opstelling richting het westen en de Russische Federatie. Wanneer dat niet gebeurt zal Oekraïne van crisis naar crisis gaan en is zelfs het scenario van een burgeroorlog niet geheel ondenkbaar!