De Doos van Pandora
Een requiem voor de kinderen van Beslan
"Komen die enge mannen ook naar onze school?", vraagt de zevenjarige
Nadia uit Sint Petersburg aan haar moeder, wanneer ze op de televisie de beelden
van de gijzelingsactie in het Noordossetische stadje Beslan ziet. Haar moeder
antwoordt ontkennend, maar toch gaat Nadia de volgende morgen met bonzend hart
naar school... Van leren komt niet veel die dag.
door Bas van der Plas
Aan reality-TV is er geen gebrek op de wereld. Je vraagt je af waarom er nog
spektakelfilms worden gemaakt in Hollywood. De tijd van de rampenfilms hebben
we wel gehad, het is nu de tijd voor de rampenjournaals en de rampenactualiteitenrubrieken.
Sinds Hij in het Witte Huis de doos van Pandora opende is er geen houden meer
aan. Bebaarde hoofdrolspelers met kalasjnikovs bevolken de televisieschermen,
huilende moeders zijn de tegenspeelsters. Als figuranten zijn er de ontploffende
bussen, de brandende auto's, spontaan uiteenvallende vliegtuigen, en de honderden
kinderen, die volgens de burgerlijke Arbeidswetgeving nog niet de wettelijke
leeftijd hebben, maar toch in de rug mogen worden geschoten... met echte kogels!
Da's pas reality.
Sinds Hij in het Witte Huis de doos van Pandora heeft geopend en bepaald heeft
wie goed is en wie slecht leven we in een andere wereld. Vroegere vijanden werden
bondgenoten en nadat vroegere bondgenoten van wapens werden voorzien noemde
men hen vijanden. Ach, Hij heeft zo zijn willekeuren en grillen wanneer het
gaat om het op de juiste wijze dienen van de oliebaronnen en oorlogshitsers.
"Let maar even niet op hem," zou ik bijna willen zeggen, maar dat
is onmogelijk.
Reality-TV brengt hem ongevraagd de woonkamer binnen wanneer hij weer eens iets
vijandigs over de vijand of iets vriendelijks over de vriend moet zeggen. De
doos van Pandora staat onder handbereik: men is gewaarschuwd! Bij de vrienden
staat de doos met complimenten en steunbetuigingen, bij de vijand zijn ze de
dozen handgranaten aan het tellen. Maar beide groepen zijn als de dood (ha,
da's pas een cynische uitdrukking: Zijn als de Dood...) voor de doos van Pandora.
mensenrechten
Vladimir Vladimirovitsj had ook zo zijn dozen met vrienden en vijanden. De oude,
al wat dementerende alcoholist Boris Nikolajevitsj had hem op tijd aan de macht
gebracht. In de bureaulade van de oude Boris vond Vladimir nog een doos waarop
met beverig handschrift 'vijanden' stond geschreven. In het cyrillisch natuurlijk.
Maar de slimme geheime agenten van Uncle Bill, de voorloper van Uncle George,
wisten zo ook wel wie er werden bedoeld. "Nee, geen oorlog op de Kaukasus,
dat is in strijd met de internationale mensenrechtenverdragen", zei Bill
in het Witte Huis, al spoedig nagepapagaaid door de diverse 'leiders' in de
Europese hoofdsteden. Maar Vladimir Vladimirovitsj stuurde een divisie, nog
een divisie, een tankcolonne, infanterie, cavalerie, vliegmachines, pantserwagens,
weer zes divisies, bommenwerpers, en de Russische belastingbetalers maar plezier
hebben van hun roebels en kopeken met elke avond die reality-TV beelden, die
helaas toch wat gecensureerd moesten worden toen er wat al teveel cavaleristen,
infanteristen, piloten en tankpersoneel begon te sneuvelen. "Mensenrechten,"
riepen het Witte Huis en haar Europese schoothondjes nog steeds keer op keer.
"Terroristen," antwoordde Vladimir weer keer op keer.
Toen Uncle Bill weg was en Uncle George zijn intrek had genomen in het optrekje
in Washington en het kalenderblaadje van de 10e voor 11 september verwisselde
realiseerde hij zich dat Vladimir gelijk had. De Grootschender van de Mensenrechten
van het Tsjetsjeense Volk werd tot bondgenoot in de strijd tegen het Internationale
Kwaad (kijk eens in de spiegel als je durft...).
bestrijding
Vladimir werd al snel geleerd hoe je je internationaal politiek correct dient
te gedragen. Dus toen Uncle George op bezoek kwam, en de sluipschutters op alle
daken van Sint Petersburg lagen en het 'gewone volk' de toegang tot de eigen
stad werd ontzegd, boog Vladimir de rug, zakte door de knieën en begon
tergend langzaam de lederen schoenen van Uncle George te likken tot ze weer
als nieuw glanzend leken. De vertederde Uncle George streelde met zijn hand
over de weinige bij Vladimir nog resterende haren en met een brok in de keel
herinnerde hoe zich hoe de oude ('God hebben zijn dementerende ziel') Uncle
Ronald het nog over het Evil Empire had gehad, dat nu als een vage schim in
de geschiedenis was verdwenen. Een aandoenlijk tafereeltje dat bij het thuisfront
al gauw de vraag deed rijzen wanneer de Russische olie- en gasreserves beschikbaar
zouden komen voor de wereldmarkt. Wall Street steeg. De internationale moraal
daalde. En vanaf dat moment werden de in camouflagekleding gestoken bebaarde
mannen vaste hoofdrolspelers op de Russische beeldbuizen, alleen werden zij
bij de aftiteling (in het cyrillisch natuurlijk, maar de slimme geheime agenten
van Uncle George wisten wie er werden bedoeld en knikten instemmig) 'kakkerlakken'
genoemd.
En in de Russische Federatie begon de anti-kakkerlakkencampagne. Skinheads in
de grote steden hielpen vast een handje mee door alles wat er als kakkerlak
uitzag te molesteren, ook de politieagenten vroegen de kakkerlakken continu
om hun papieren en verblijfsstatussen en zo leerde het Russische volk hoe men
kakkerlakken bestrijdt! De vrienden van Uncle George en Uncle George zelf bleven
bemoedigende steunbetuigingen sturen, en de internationale solidariteit van
kakkerlakkenbestrijders bereikte grote hoogten.
el pueblo unido...
Een explosietje bij een bushalte aan de rand van Moskou werd door de reality-TV
afgedaan als 'vandalisme'. Een aantal uren later echter werd het 'de ouverture
tot een daad van terreur' toen twee vliegtuigen tijdens de vlucht spontaan uiteen
spatten. Een keur van deskundigen kwam op reality vertellen dat hier kakkerlakken
achter zaten. Twee auto's ontploften bij een Moskous metrostation. En een school
in Beslan werd gegijzeld. Hoewel Vladimir Vladimirovitsj nog in de besloten
eenzaamheid van zijn presidentiële werkkamer met alle macht (en dat is
niet gering bij een president die judo en karate kent) getracht had de deksel
weer op de doos te krijgen, lukte hem dat evenmin als het Uncle George gelukt
was.
Nadat de brokstukken van de vliegtuigen waren neergekomen en de doden geteld
was er een dag van rouw in de Russische Federatie. De verbitterde Vladimir zei
dat er maatregelen zouden komen. Nadat de brokstukken van de school in Beslan
waren neergehaald waren er twee dagen van rouw in de Russische Federatie. Een
verbitterde Vladimir zei dat er maatregelen zouden komen. De week erna werd
ieder die er als kakkerlak uitzag naar de papieren gevraagd, werd gefouilleerd,
en Vladimir zei dat een verenigd volk het beste wapen tegen het terrorisme is
(el pueblo unido jamas sera vencido... riepen de linksen in de jaren 70 en 80
van de vorige eeuw. Hadden ze dan toch gelijk?).
Vliegtuigen vol dozen met steunbetuigingen uit Uncle George's privécollectie
landden op de Moskouse luchthaven, vliegtuigen, waarvan de piloten nog maar
net konden voorkomen dat ze in botsing kwamen met de toestellen vol dozen met
steunbetuigingen uit de collecties in Londen, Parijs, Rome en wat er nog meer
aan 'assen van solidariteit' in de Europese Unie bestaat. O, dat die Bernard
Bot wat botte opmerkingen maakte ging ook niet ongemerkt voorbij, het vulde
weer een gaatje in een reality-TV.
naar school
"Mama, komen die enge mannen ook bij ons op school," vraagt de zevenjarige
Nadia uit Sint Petersburg aan haar moeder. Mannen in camouflagekleding die met
bebloede kinderen naar auto's rennen vullen de beeldschermen. Daar staat hij,
een grote, ruwe man, die eruitziet of hij in een klap twintig kakkerlakken kan
doden. Een met vlekken besmeurd camouflagepak heeft hij aan. Aan de linkerschouder
hangt quasi nonchalant een kalasjnikov, aan de broekriem zijn handgranaten en
een groot mes bevestigd. In zijn armen draagt de grote ruwe man een kind, een
meisje van een jaar of zeven, het had onze Nadia uit het begin kunnen zijn.
De grote, ruwe man met de gespierde armen waarin hij het kind draagt wordt omringd
door snikkende vrouwen, die met de zoom van hun lange rok of met de versleten
mouw van het vest de ogen afvegen, maar het is een strijd als tegen een lawine
die van het Kaukasusgebergte komt afgerold. De tranen blijven stromen. Dan zakt
de rug van de grote, ruwe man in het camouflagepak, zijn schouders komen naar
voren, de kalasjnikov valt bijna op de grond. Hij klemt zijn kaken op elkaar,
drukt het kind tegen zich aan dat een minuut geleden het leven heeft gelaten.
Ook zijn ooghoeken volgen het voorbeeld van dat van de vrouwen... Een lawine
van de Kaukasus is niet te stuiten.
In het Witte Huis opende Hij de doos van Pandora. In het Kremlin werd de doos
van de oude Boris geopend. Er zullen nog vele ruwe, grote mannen komen die met
hun gespierde armen fragiele kinderen tegen zich aandrukken. Ook als die kinderen
de volgende dag niet meer naar school hoeven... gewoon, omdat ze dood zijn.
Meer over de achtergronden van het gijzelingsdrama in Beslan en over de situatie
in de Noord-Kaukasus is te lezen in het boek "Kavkaz, bebloede schoonheid
aan de Russische Zuidgrens", dat is verschenen bij uitgeverij Papieren
Tijger Breda (www.papierentijger.org)
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 395, 24 september 2004